Iedereen herkent ze: de pakkende 7 stappen, 5 lessen, succes-abc’s en andere formules die beloven dat ze de heilige graal hebben gevonden voor het perfecte leiderschap, de florerende organisatie en de ‘shiny, happy people’ die iedere dag via de ballenbak, de tafelvoetbaltafel en het biologische bier hun werkende walhalla binnenstappen.

En wat een heerlijke recepten zijn het toch. Ze geven herkenning over je eigen situatie, ze zijn overzichtelijk, ze blijven plakken en ze houden de wereld lekker simpel en voorspelbaar. Als ze dan ook nog worden onderstreept door een bekend en succesvol voorbeeld die zijn sporen al heeft verdiend, dan heb je het gegarandeerde recept voor een goed gevoel. En een goed gevoel verkoopt, dat weten we allemaal. Maar er is een groot probleem met deze formules….

Ze houden ons namelijk onwetend en naïef. Deze formules helpen ons om achter onze eigen staart aan te blijven rennen en ze dekken de realiteit af: dat de wereld complex en onvoorspelbaar in elkaar zit en dat we daarmee moeten dealen. Het is een realiteit waar ons brein zich graag voor wil verstoppen. En de marketingstrategie: ‘Wanna make money? Keep it simple!’ is de beste verstopplek die ons brein helpt om deze simpel-illusie levend te houden.

Ons brein staat standaard in de ‘Simpelkees’-modus.

In zijn boek ‘Thinking Fast and Slow’ onderbouwt Daniel Kahneman de theorie dat wij twee denksystemen in ons hoofd hebben zitten. Systeem 1 is onbewust, snel en intuïtief en dit systeem kost weinig energie. Systeem 2 is ons rationele systeem, dat in het bewustzijn wordt aangestuurd, traag is en veel energie kost. We krijgen ons hoofd afgeleverd met de volgende standaardinstellingen: Systeem 1 staataltijd aan, systeem 2 gebruiken we alleen als we het nodig vinden om systeem 1 te overrulen. Dat is een efficiënte standaardinstelling en die hebben we niet voor niets. Ons hoofd zou overbelast raken als systeem 2 bij ieder wissewasje kostbare bytes zit te verbranden. Daarnaast zouden onze natuurlijke vijanden ons als wikkende en wegende hapjes lachend in de klauwen sluiten. En systeem 1 kan met verrassend weinig informatie ons intuïtief hele slimme dingen laten doen. Maar de snelheid en de lage energiekosten van systeem 1 dragen een groot nadeel met zich mee; we zijn opgezadeld met een systeem dat de wereld steevast simpeler voorstelt dan hij in werkelijkheid is.

Systeem 1 houdt van ‘jumping to conclusions’, knopen doorhakken, het onderbuikgevoel en de wereld zien als een voorspelbare en eenvoudige optelsom van oorzaken en hun gevolg. Systeem 1 maakt dat we zo van inspiratievolle anekdoten en verhalen houden en daar moeiteloos allerlei conclusies uit trekken over hoe de rest van de wereld werkt. Systeem 1 staat aan de wieg van onze stereotypes en de kritiek op onze ministers. Volg de gemiddelde discussie over een politiek onderwerp en je zou bijna denken dat iedereen het beter zou doen dan die onwetende ambtenaar in Den Haag die nu maar wat staat aan te klooien. Maar bovenal staat systeem 1 voor het comfortabele gevoel dat opkomt als je de wereld om je heen begrijpt en onder controle denkt te hebben. En wat een heerlijk zoemend en warm gevoel wekt dan het idee op dat tussen jou en de oplossing van jouw knagende vraagstuk slechts 7 overzichtelijke stappen staan.

Onvoorspelbaarheid? No way!

Als Systeem 1 ergens een gloeiende hekel aan heeft, dan is het onvoorspelbaarheid. Dat hoort niet in het rijtje: ‘Keep it simple, stupid!’ Maar de realiteit is dat we wel in een zeer onvoorspelbare wereld leven. En dat wat in de ene context heel goed werkt, zomaar een fiasco kan worden bij de buurman. Daarom veegt Phil Rosenzweig in zijn boek ‘The Halo Effect’ ook de vloer aan met de managementboeken die een kijkje nemen bij succesvolle voorbeeldorganisaties, daar een toverformule uit destilleren en dan roepen: ‘Kijk! Ik heb de heilige graal gevonden! Volg deze ‘schijf van 5′ en dan wordt u net zo [vul uw wens in] als zij!’

Nou klinkt dat wat banaal, maar deze formules gaan als warme broodjes over de toonbank. Systeem 1 smult ervan, maar ze maken ons niets wijzer. En die grote roze ongemakkelijke toeval-olifant, die maakt dat je halverwege de eerste stap vaak al het spoor kwijtraakt. Ligt dat aan jou? Nee. Dat ligt aan het feit dat de formule alleen klopt in 1 van de ontelbare versies zoals de realiteit zou kunnen verlopen.

Correlatie vs causaliteit: Who cares?

Systeem 1 die maalt er niet om hoe we causale verbanden leggen, áls we ze maar leggen. Want causale verbanden maken de wereld voorspelbaar, controleerbaar en begrijpelijk. ‘Als we dit doen, dan gebeurt er dat.’ Een heerlijke formule, en managementboeken wringen zich in flinke bochten om deze verwarring vooral hoog te houden. Correlatieonderzoek wordt moeiteloos omgezet in causale conclusies. Als dit bedrijf succesvol is én iedere dag blauwe pinguins (om maar even in het dieren-thema te blijven) op de muur schildert, dan zullen de blauwe pinguins wel leiden tot ongekende resultaten. Heb jij een managementboek in de kast liggen met een simpele ABC- succesformule? Grote kans dat dit boek zich baseert op deze fout. En daarmee leer je net zoveel als wanneer je de conclusie trekt dat we rijk worden van het eten van broccoli, omdat hogere inkomens vaker broccoli eten.

Balanceren kun je leren.

Dat systeem 1 heel bevattelijk is voor simpelkees-oplossingen dat is een feit. En dat het veel handboeken en managementboeken daar graag -en met de beste bedoelingen- op inspelen, dat is ook begrijpelijk. Maar dat wil nog niet zeggen dat we aan de goden overgeleverd zijn. Het feit dat Systeem 1 en systeem 2 in een standaardinstelling aan ons worden afgeleverd, wil niet zeggen dat je zelf niet aan de knoppen kunt draaien.

Je kunt leren om de systemen zo te balanceren dat je steeds een beetje wijzer wordt, zonder simpele formules achterna te lopen die je niets anders brengen dan een prettige illusie dat je de wereld begrijpt en onder controle hebt.

Ik heb gemerkt dat mij het volgende heeft geholpen:

  1. Leg handboeken en populaire managementliteratuur aan de kant en leer zelf nadenken. Stel de vraag: ‘Voor welk vraagstuk zoek ik een oplossing?’ En welke overtuigingen komen bij mij op als ik afweeg wat ik moet doen? Zet die overtuigingen op een rijtje. Er is een grote kans dat veel overtuigingen geen duidelijke oorsprong kennen, omdat systeem 1 aan het werk is. Die overtuigingen heb je gewoon van iemand overgenomen die je hoog hebt zitten, of je hebt ze in een ander managementboek gelezen, of het is toch gewoon logisch…..?
  2. Kiest steeds 1 overtuiging die je een fundament gaat geven. Welke bewijzen maken de overtuiging plausibel. En welke bewijzen zouden het tegendeel kunnen bewijzen?Neem geen genoegen met een artikeltje in een magazine. Duik erin, daag jezelf uit. Het helpt ook als je je voorneemt dat je je overtuiging loslaat als na onderzoek alleen de uitspraak overeind blijft: ‘maar het vóelt gewoon logisch’. Dit is je systeem 1 die in je oor staat te fluisteren. Je hoeft niet te veranderen in een onderzoeker of muggenzifter. Het alleen al ter discussie stellen van vanzelfsprekende overtuigingen werpt een verfrissend nieuw licht op jouw besluitvormingsproces.
  3. Profiteer van de ‘wisdom of the crowd’. Dat jouw systeem 1 dominant is, dat is een gegeven en dat heeft ook heel veer voordelen. Maar je valt veel minder snel ten prooi aan de valkuilen van systeem 1 als je actief tegenspraak organiseert bij lastige besluiten. In zijn boek: ‘Wisdom of Crowds’ onderbouwt James Surowiecki de controversiële stelling dat besluitvorming door grote diverse groepen betere resultaten heeft dan de besluitvorming van een kleine elite aan experts. En ‘crowds’ kun je overal organiseren, aangezien ieder mens hieraan kan bijdragen, door alle lagen van een organisatie heen. Een kleine tip: Gebruik de ‘Liberating structures’ van Lipmanowicz en McCandless om groepen effectief in debat te laten gaan tegen jouw stelling/overtuiging. Heel verfrissend!
  4. Leer het ‘oh shit! En nu?’-gevoel kennen en wees trots als het bij jou aan de deur klopt. ‘Oh shit!En nu?’ komt op als je je realiseert dat je bewijzen heb gevonden die niet stroken met je oude overtuigingen. Dat is een geweldige prestatie, want je hebt daarmee systeem 1 overruled met systeem 2, door verder te kijken dan je comfortabele neus lang is. En daarmee creëer je ruimte om je oude overtuigingen met een goed gevoel een meer rationeel fundament te geven. Het ‘Oh shit! En nu?’-gevoel is altijd ongemakkelijk, maar het went. En daar ligt je kracht om de balansknop meer naar systeem 2 te draaien.

‘Kom jij nu ook al met een formule?’

Nee hoor, deze 4 punten heb ik zelf ervaren als helpend en ze maken dat ik me heb leren verzoenen met het ‘Oh shit! En nu’- gevoel. Tegenwoordig weet ik dan dat ik op de goede weg zit en mijn systeem 2 is wakker geworden. Vind je daarmee de heilige graal? Welnee.

We moeten ons niet in slaap laten sussen door de volgende heilige graal, want ook die zal uiteindelijk niet brengen wat we zoeken. We moeten samen in gesprek om nieuwe wijsheden van de groep te ontdekken. We moeten samen onze systeem 2 aan het werk zetten om unieke antwoorden te vinden op unieke vraagstukken. En daarom is het belangrijk dat we systeem 2 vaak genoeg wakker schudden. Want dan kunnen we een bouwwerk van ideeën en inzichten creëren dat recht doet aan de complexe en onvoorspelbare realiteit waar we ons in bevinden. Dat is een fundament dat niet omvalt als de hype of trend weer voorbij is. Jij behoort altijd tot ‘the crowd’ en jouw wijsheid doet ertoe. Zolang je maar wakker blijft.